De Tokaido was onderverdeeld in 53 officiële pleisterplaatsen, waar reizigers konden eten, slapen, vervoer regelen, voorraden aankopen of vertier zoeken.  Gemiddeld lag er zo’n 8 km, of twee  uur gaan, tussen twee opeenvolgende pleisterplaatsen.  Ze  ontwikkelden zich gaandeweg tot echte bezienswaardig- heden, die met elkaar concureerden om zoveel mogelijk reizigers aan te trekken.   Bij een Tokaido reis hoorden souvenirs, waaronder prenten die, net als een postkaart vandaag, lieten zien waar de mensen geweest waren.  Ze toonden landschappen en tempels, maar ook vaak realistische taferelen van het dagelijkse leven langsheen de Tokaido. De Tokaido werd dan ook vaak afgebeeld door Japanse kunstenaars.  Het hoogtepunt van die traditie werd door Ando Hiroshige gemaakt, na een reis die hij langs de Tokaido ondernam begin jaren 1830.